De Emigratie – Al Hidjrah

Hicret- Emigratie naar Medina1. Twee Kamelen

De profeet stuurde de moslims onopvallend mogelijk, soms èèn voor èèn, naar Yasrib, dat later Medina-toen-Nebi =Stad van de profeet zou heten. Dit werd later afgekort tot Medina. Sommigen werden onderschept en terug gebracht naar Mekka om verhoord en gemarteld te worden. De polytheïsten waren zich bewust van het gevaar van een groeiende moslimgemeenschap in Yasrib. Maar ze durfden niet grootscheeps op te treden, omdat hun lijst van vijanden steeds groeide. Mohammed zelf bleef waar hij was en liet zich niet uit over zijn plannen. Omdat hij ook niet was meegegaan met de moslims die naar Ethiopië waren geëmigreerd, verdacht niemand hem ervan nu wel te gaan. Ook Aboe Bakr vroeg toestemming om naar Yasrib te emigreren. Maar de profeet antwoordde hem: “overhaast je niet, misschien zal God je een metgezel geven voor die tocht”. Verder adviseerde hij hem om twee kamelen gereed te houden

2. Het plan

Toen steeds meer moslims erin slaagden Yasrib veilig te bereiken, belegden de stamhoofden in Mekka een spoedvergadering en besloten na verscheidene voorstellen verworpen te helpen, Mohammed te vermoorden. Politiek gezien was dit nog steeds een gevaarlijke onderneming, vanwege de kans bloedwraak door de familie- en clangenoten van de profeet. Maar ook hier aan hadden zei gedacht en een vrij geraffineerde oplossing gevonden. Van elk van de vijandige clans zou een jonge strijder afgevaardigd worden. Tijdens de overval zou elk van hen de profeet gelijktijdig een slag toebrengen, het zou onmogelijk zijn op al die stammen wraak te nemen. “En toen de ongelovigen plannen smeedden om jou gevangen te zetten, te doden of te verbannen. En ze maakten plannen en Allah maakte plannen, en Allah is de beste plannen-maker.”

Dit plan bereikte vrij snel Mohammed’s oren en hoewel hij zag ervan bewust was dat hij in levensgevaar verkeerde, wachtte hij het gebod van Allah af om ook naar Yasrib te vertrekken. Ook liet hij zich tegen niemand uit over zijn plannen in dit opzicht. Zelfs zijn trouwste metgezellen. Aboe Bakr, wist niets van zijn plannen.

Toen hij van God’s gebod overtuigd was, handelde hij snel en simpel. De eenvoud van zijn handeling verlamde zijn vijanden. Terwijl jonge strijders het huis van de profeet omsingelen, legde hij zijn mantel om de schouders van Ali, zijn neef en latere schoonzoon, en vroeg hem op zijn rustplaats te gaan liggen. Daar deze mantel, een groen gewaad van de Hadramauwt, door de profeet veel gedragen werd, dachten de belegeraars, die door een gat in de deur regel-matig naar binnen keken, dat de profeet daar lag. Deze maakte gebruik van hun onachtzaamheid in de periode vlak voor de dageraad, en glipte door hun rijen, de eerste regels van de soera ‘Yasien’ lezend.

SawrHij ging rechtstreeks naar het huis van Aboe Bakr en vertrok samen met hem in zuidelijke richting. Zowel de tijd als de richting die hij koos waren ondenkbaar voor zijn vijanden. Zij verborgen zich in een grot van de berg ‘Sawr’. (voor meer fotos zoek maar in google: sevr mağarası)

De zoon van Aboe Bakr, Abdoellah, ving overdag de gesprekken op in de stad. En zocht ‘s nachts de grot op om de laatste ontwikkelingen door te geven. Een herder, een dienst van Aboe Bakr, liet zijn kudde om de berg wijden, zodat de dieren de sporen van Abdoelleh vertraden. Maar de Arabieren zijn altijd geboren spoorzoekers geweest en naverloop van tijd kwamen ze in de buurt van de berg. Voor hen was het een absolute noodzaak te voorkomen dat de profeet naar Yasrib zou gaan en hun hoede toen zij Ali ontdekten in plaats van de profeet, was nog niet bekoeld.

Tot aan de tanden gewapend stonden ze aan de voet van de berg die ze langzaam van alle kanten begonnen te onderzoeken. Sommige van hen kwamen tot aan de opening van de grot, maar ze liepen verder; onderhand hun bevindingen naar elkaar schreeuwend. Iemand vroeg aan de mensen bij de grot: “er is daar een grot, waarom gaan jullie niet naar binnen?” Zij antwoordden: “hier kan niemand naar binnen zijn gegaan, de ingang is vol met spinnenwebben en er is een nest van wilde duiven in de takken van een boom”. De anderen kwamen nog iets dichter bij en zagen dat de nauwe ingang van de grot inderdaad geblokkeerd was door de takken van een boom. Zij besloten terug te gaan naar Mekka.

In de grot speelde zich het volgende af. Op het moment van een nadering van hun vijanden, rustte de profeet even met zijn hoofd op de schoot van Aboe Bakr. Toen deze de stemmen hoorde verstijfde hij van angst, hij dacht: “als ze mij doden is dat niet erg, dan is er een mens minder, maar als ze er in slagen de profeet te vermoorden, betekent dat het einde van de openbaring van de Islam!” De profeet ontwaakte door de onrust van Aboe Bakr, begreep zijn toestand en zei: “stel je twee trouwe metgezellen voor. Zou Allah dan de derde niet zijn?” Hierop volgde de openbaring: “weest niet bedroefd, Allah is met ons!”

Op dat moment verlichtte Mohammed Aboe Bakr met zijn eigen licht, dat hij van god ontving, waarna een geweldige rust op hen neerdaalde. Op het moment dat de heidenen voor de grot stonden was de profeet in gebed verzonken…

Hierna bereikte het geloof van Aboe Bakr zijn hoogtepunt, meer kan een mens niet in zijn God en

zijn profeet geloven. Het wonderlijke was dat er geen spinnenwebben, duiven of boomtakken waren op het moment dat ze de grot binnengingen. “Het web van een spin, de liefde van een duif, het ontspruiten van een bloem – drie wonderen die dagelijks op Gods aarde plaats vinden”.

3. De reis naar Medina

Toen na drie dagen het enthousiasme om de profeet te vinden en te doden iets bekoeld was, kwam een gids met drie kamelen en ze verlieten de grot in zuidelijke richting. Daarna trokken zij naar het onherbergzame kustgebied van Rode Zee. Hierna leidde hun gids, Abdoellah Ibn Uraykit, hen naar het Noorden, waarbij hij ervoor zorgde ver van de veel betreden paden te blijven. Ze reisden de hele nacht en een deel van de dag, zonder toe te geven aan hun vermoeidheid. De gevaren waren nog lang niet voorbij. Dagelijks werd de menigte in Mekka opgezweept, opdat iemand ervoor zou zorgen dat de profeet Yasrib niet zou bereiken. Tijdens zo’n bijeenkomst kwam een ruiter vertellen dat hij drie reizigers gezien had. Om andere premiejagers voor te zijn (er stond een prijs van 100 kamelen op het hoofd van de profeet), stond Suraka Ibn Malik snel op en ontkende krachtig dat het de gezochten konden zijn. Kort daarop maakte hij zijn beste paard klaar en bewapende zich volledig om de premie alleen buit te maken. Toen de drie ruiters zich kwamen, viel zijn paard en later toen hij op korte afstand genaderd was stortte het paard opnieuw neer.

Op dat moment had de profeet zich met zijn metgezellen even teruggetrokken in de schaduw van een boom. Suraka begreep dat zijn goden tegen deze zaak waren en hij riep naar de profeet of hij op hem wilde wachten om met hem te praten. Toen hij terug kwam in Mekka, vertelde hij aan de mensen die ondertussen wel hadden begrepen waar hij heen was gegaan, dat het Mohammed en zijn vrienden helemaal niet waren.

4. Het Eerste Vrijdaggebed

De tocht duurde meer dan acht dagen en was bijzonder uitputtend, omdat ze voortdurend over ruw terrein reisden en bijna geen leeftocht bij zich hadden. Toen Mohammed Koeba bereikte, ten zuiden van Yasrib, besloot hij daar vier dagen te blijven. Zij stichten daar een kleine moskee (Mesdjid oel-Koeba). In een vallei even buiten Yasrib ging hij voor in het eerste vrijdaggebed in de geschiedenis in de Islam. Hij predikte en bad twee rekaat, samen met een groep van zijn metgezellen die hem uit Medina tegemoet gekomen waren. Dezelfde dag trok hij Medina binnen.

De stad laadde uit om hem te zien, moslims, heidenen en joden juichten hem toe. Veel moslims nodigden hem uit hun huizen als het zijne te beschouwen, maar de profeet liet zijn kameel kiezen. Deze koos voor een open stuk land in het midden van de stad. De profeet vroeg aan wie het toebehoorde. Het bleek het eigendom te zijn van twee wezen, Sahl en Soehail, de zonen van Amr. Hij besloot op dat stuk land een moskee te bouwen, met enkele kleine vertrekken voor hemzelf en zijn familie. Hij was zelf actief bij de bouw en droeg stenen en palmstammen en takken aan. Vanuit dit simpele gebouwtje van grove stenen, modder, palmstammen en bladeren, begon de uitnodiging tot de Islam.

Koeba Moskee op Map en veel fotos 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *