De Sociale Functie Het Goede Bevelen en Het Slechte Verbieden

het goede bevelen

1. Definitie van de termen het goede en het slechte

In de Islam hebben we de principes van goedheid te verplichten en slechtheid te voorkomen. In de Koran staat: “Emr bil-Ma°roef, Nehy °anil-münker” of “Beveel het goede, vermijd het slechte “.

“Jullie zijn de beste gemeenschap die uit de mensen is voortgebracht, (zolang) jullie tot het goede oproepen en jullie het verwerpelijke verbieden, en jullie in Allah geloven …”( Ali Imran:3/110)

“En laat er uit jullie een groep voortkomen die uitnodigt tot het goede en oproept tot deugdelijk-heid en (die) het verwerpelijke verbiedt, en zij zijn degenen die welslagen.”(Ali °Imran:3/104)

Intelligente mensen proberen zoveel mogelijk rekening te houden met deze regels. Daarom moeten deze mensen het aan de anderen vertellen en ze waarschuwen voor de waarden van deze principes. We moeten de handelingen die tegen de Islamitische ethiek zijn verminderen en de goede ethische handelingen vermeerderen.

Allah heeft de mens het vermogen gegeven om te handelen (goed of kwaad) maar Allah heeft de mens ook rede (gezond verstand) en een leidraad gegeven om een keuze te maken tussen goed en kwaad en daarom is de mens zelf verantwoordelijk voor zijn daden. Bijvoorbeeld: Allah heeft de mens het vermogen gegeven om te spreken. Het hangt nu van de mens af of hij zijn spraakvermo-gen gaat gebruiken om de waarheid te spreken of misbruik maakt om leugens te verkondigen.

Allah helpt ons goed te handelen door boodschappers te zenden die ons naar het rechte pad leiden en ons zeden leren aan de hand van Allah’s geboden en wetten, iedere handeling die in strijd is met de geboden van Allah is een zonde. Allah, en niemand anders dan Allah, kan zonden vergeven. Om van zonden af te komen, moet je bidden met hart en ziel tot Allah en smeken om vergeving voor alle slechte daden, terwijl je je voorneemt nooit meer zulke of andere zonden (weer) te begaan.

2. Voorwaarden te vervullen door diegene die deze plicht op zich neemt

De Profeet zei: “Vrees Allah, waar je bent, laat de zonde door een goede daad gevolgd worden, die zal hem uitwissen; en gedraag je correct ten opzichte van je naaste.” (Ahmed en Tirmizi)

Aldus besteedt de moslim zijn leven aan observatie en reiniging van zichzelf, want het is veel gepaster je met jezelf bezig te houden, voordat je je met anderen bemoeit. Hij maakt er een gewoonte van zich goed te gedragen, deugdzaam en rein te zijn, slechte meningen, pijnlijke woorden en daden te vermijden. Hij moet tegen zichzelf strijden, zich ieder moment van zijn leven rekenschap afleggen van zijn daden, zichzelf dwingen om het goede te doen en de leringen van de religie toe te passen, resoluut het misbruik, dat ervan gemaakt wordt, tegengaan, en zijn educatie voortzetten om zichzelf te richten op purificatie.

3. Methodes om de voorwaarden te vervullen

1) Verantwoordelijkheid

Wanneer we naar de Koran kijken zien we veel aanwijzingen voor de ontwikkeling van een intermenselijk verantwoordelijkheidsgevoel. Er wordt gezegd: “En houd je aan elke belofte! Want je zult zeker voor elke gemaakte belofte verantwoording moeten afleggen!” (El Isra: 17/34)

Dat wordt gezegd in het kader van een soort tien geboden voor moslims in een algemeen maat-schappelijke context. Niets wijst erop dat het alleen om afspraken of beloften van moslims onder elkaar zou gaan! De geschiedenis laat zien dat er tussen moslims en niet-moslims, bedrijven, internationale organisaties en landen verdragen zijn gesloten die volledig zijn nageleefd. We leven nu in de tijd van de ‘Dar el-Ahd’, ‘het huis van het verdrag’, waarin veel moslimlanden met niet-moslimlanden bilaterale verdragen hebben gesloten. In de Koran staat: “O gelovigen! Komt uw verdragen na!” (El-Maide: 5/1)

De term ‘Ahd’ die hier gebruikt wordt, betekent dat het om een serieuze onderneming gaat, waarbij meer dan één persoon of partij is betrokken. Het gaat dan over drie soorten overeenkomsten:

een overeenkomst tussen God en de mens

een overeenkomst tussen de mens en zijn eigen ziel

een overeenkomst tussen het individu en zijn medemensen

Met het laatste wordt het hele gebied van intermenselijke sociale en maatschappelijke verantwoordelijkheden omvat. Binnen deze categorieën onderscheiden we verdragen met een spiritueel en verdragen met een materieel karakter. De islam ziet beide soorten verdragen als even belangrijk en vaak zijn ze in het dagelijks leven geïntegreerd. De Koran waarschuwt: “O gelovigen, waarom zegt u hetgeen u niet doet? Het is voor Allah afschuwwekkend dat u het één zegt en het ander doet!” (61 /2-3; zie ook: 16/91 -96)

2) Zelfbeheersing en eerlijkheid

Discipline en zelfbeheersing zijn twee andere kwaliteiten die volgens de Koran en de overlevering deel dienen uit te maken van een moslimkarakter. In een tijd waarin voor steeds meer mensen vernietigingswapens beschikbaar komen en bijna niemand aan de wapenmarkt echt voorwaarden kan stellen, is het goed om te weten wat religies en ideologieën over de begrippen ‘zelfbeheersing’ en ‘vergevingsgezindheid’ te zeggen hebben. Want zoals de Zwitserse theoloog Hans Kung zegt: “Geen wereldvrede zonder godsdienstvrede. “

Voor moslims zullen de profeten meestal de belangrijkste ‘rolmodellen’ zijn. De rol van de boodschappers en de profeten was erop gericht op de geschiedenis van de mensheid ten goede te veranderen. En dat kan eigenlijk alleen indien wij onszelf veranderen. De Koran zegt hierover: “Allah verandert de toestand van een gemeenschap niet voordat zij zichzelf verandert. ” (Er-Ra°d: 13/11)

Daarom wordt de hierboven vermelde eigenschap van zelfbeheersing in de Koran als volgt vermeld: “En wedijvert met elkaar voor de vergiffenis van uw Schepper en behoort tot hen die in voor- en tegenspoed weldoen en tot hen die hun woede onderdrukken en mensen vergeven omdat Allah hen die goed doen, lief heeft. ” (Ali °Imran: 3/133-134)

Ons lichaam wordt soms beheerst door één kleine zenuw die het begeeft. Het wordt ons vervolgens rood voor de ogen en we geven onze drift en woede ruim baan! Hierover staat in de Koran: “En de vergelding voor een slechte daad is dezelfde slechte daad, maar voor wie vergeeft en verzoent: zijn beloning is bij Allah. Voorwaar, Hij houdt niet van onrechtplegers. “(Esj-Sjura: 42/40)

In Koranverzen wordt dus regelmatig aandacht besteed aan het beheersen van driften en het verbeteren van humeur. Verdraagzaamheid, de ander toestaan fouten te maken en ze door de vingers zien; zelfs afzien van vergelding en wraak, zijn eigenschappen waar de Schepper van houdt.

Er is ook het advies van de Profeet aan een man die om goede raad vroeg: de Profeet gaf hem die goede raad en zei: “Word niet boos!” De man herhaalde zijn vraag een paar maal en de Profeet zei steeds: “Word niet boos. ” (Boekhari)

Tenslotte nog een belangrijke opmerking: de mens moet altijd in alles, wat hij doet eerlijk zijn. Eerlijkheid is één van de belangrijkste verplichtingen in de Islam. Eerlijke mensen zijn mensen die door Allah geliefd worden en zijn ook geliefd tussen de mensen. Zij zullen op deze wereld en in het hiernamaals gelukkig zijn. In de Koran staat: “Handel correct zoals aan jou bevolen is en aan wie met jou berouw tonen en wees niet onbeschouwd; Hij doorziet wel wat jullie doen. ” (Al-Hoed 11/112)

3) Samenwerking en bereidwilligheid

Samenwerking is een belangrijk principe en in de Islam dient het gebaseerd te zijn op andere zaken dan alleen gemeenschappelijke belangen. Mensen die samenwerken zouden volgens de Koran een aantal gemeenschappelijke waarden en normen moeten hebben. En het doel dat zij nastreven of het product dat zij willen maken dient ‘helal’, dat wil zeggen, ethisch verantwoord te zijn. Dat is niet altijd even gemakkelijk. Er wordt in de koran verondersteld dat wij elkaar aanmoedigen om daartoe te komen. Het is een maatschappelijke taak anderen niet aan hun lot over te laten. De wederkerige werkwoordsvormen die daarvoor in de Koran worden gebruikt, maken dat samenwerkingsaspect duidelijk. Over adviseren staat in de Koran: “Wij roepen de tijd die voorbij gaat tot getuige! De mens bevindt zich te midden van verlies. Behalve wanneer hij behoort tot hen die geloven, en goede werken doen, en elkaar adviseren zich aan de waarheid te houden, en elkaar adviseren standvastig te zijn.” (El-°Asr: 103/1-3)

Imam Sjafie heeft onder andere over dit korte hoofdstukje gezegd: “Indien van dé koran alleen deze tekst was geopenbaard, zou dat voldoende zijn geweest. De meeste mensen zijn echter te onachtzaam om over de betekenis na te denken!”

Vaak geeft de Koran aan dat we dienen samen te werken op uiteenlopende gebieden, op basis van goedheid en Godsbewustzijn en niet op basis van zonde en overtreding. Alles dat tot kennis en begrip van Gods aanwezigheid leidt, behoort tot de ‘tekenen van Allah’.

In dit geval worden de heilige tijden en plaatsen bedoeld en de offers die voor Allah worden gebracht. Kan tijd heilig zijn? In de Koran worden bepaalde maanden genoemd. Wat we in die maanden doen, heeft een bepaalde betekenis, zoals vasten in de maand Ramadan of de bedevaart in de maand van de ‘hadj’.

Wanneer we iets doen met een spirituele of morele betekenis in een bepaalde tijd die daarvoor is aangewezen, dan krijgt die tijd een meerwaarde en dat is een van de betekenissen van het woord ‘heilig’. Een vers uit de Koran zegt: “En laat de vijandschap van een volk, dat u de toegang van de heilige moskee wil verhinderen, u niet tot geweld verleiden …Help elkaar in goedheid en Gods bewustzijn en help elkaar niet in zonde en overtreding.” (El-Maide: 5/2)

Daarmee wordt bedoeld dat zelfs in die provocerende omstandigheden de heilige maanden moeten worden gerespecteerd. Tot op de dag van vandaag is dit vers een gevleugeld woord voor veel moslims. ‘Help elkaar niet in zonde en overtreding’ betekent hopelijk een effectief antwoord op alle beschuldigingen van kwaadwillende critici van de Islam en de moslimgemeenschap.

De Koran wijst in deze verzen geweld duidelijk af. Zelfs het gezamenlijk bestrijden van mensen die de moslims ervan weerhouden om de bedevaart te verrichten, wordt hier omschreven als ‘samenwerking op basis van zonde en overtreding’. Elke plaats in de Koran waar tot strijd wordt opgeroepen, moet daarom zorgvuldig binnen zijn historische context worden onderzocht. Dan blijkt dat het maximum aan strijdvaardigheid dat we in de Koran kunnen vinden, de militaire dienstplicht is, erop gericht om de moslimgemeenschap te verdedigen als zij wordt aangevallen. Daarom is het buitengewoon enerverend voor de vredelievende moslims te moeten ondervinden dat de Koran wordt beschouwd als een soort schotschrift dat oproept de wapenen op te pakken tegen onschuldige mensen, alleen omdat zij de Islam niet zouden praktiseren. Nog vóór dit vers werd geopenbaard heeft de Profeet voor vrede gekozen, nadat aan hem en zijn volgelingen de weg tot de heilige moskee was geweigerd. Daarna heeft hij het verdrag van Hoedaibiya gesloten. En binnen die context dienen we de woorden ‘werk samen op basis van goedheid en Godsbewustzijn’ te begrijpen.

Samenwerking gaat gepaard met bereidwillig zijn voor hulp en goedheid. Hulp bieden en goed zijn wordt in onze godsdienst ‘salih amel’ genoemd, dat wil zeggen, ‘goede gedragingen’. De Almachtige Allah houdt van diegenen die helpen en goed zijn. Eigenlijk vindt toch iedereen het fijn als hij geholpen wordt. Dus, het wil zeggen dat goed zijn en hulp bieden een goede houding is. We moeten dus ook andere mensen helpen en goed zijn tegenover iedereen. Hiervoor moeten we wel enkele regels in het oog houden:

De bedoeling om goed te zijn en hulp te bieden aan anderen, dient enkel te gebeuren om de liefde en tevredenheid van Allah te verdienen.
We moeten niet alleen diegenen helpen die goed zijn tegenover ons, maar iedereen als het moet. Zo moeten wij ook de persoon helpen die slecht was tegenover ons.
Het is zo, dat als iemand goed is tegenover anderen, hij ook door iedereen geholpen zal worden. Een mooi gezegde van onze voorouders: “Het goede tegenover het goede is de winst van iedere mens. Het goede tegenover het slechte is de winst van de heldhaftigheid.”
Zolang de mensen elkaar helpen, zal ook Allah hen helpen. De moslims die met deze gedachten begaan zijn, hebben zeer veel belang gehecht aan hulp bieden aan mensen in nood.

4) Rechtvaardigheid en gematigdheid

Ten aanzien van de moslim is rechtvaardigheid een religieuze verplichting, die Allah als volgt aanbeveelt: “Allah schrijft rechtvaardigheid, liefdadigheid en schenkingen aan verwanten voor.” (En-Nahl: 16/90)

“…Handelt rechtmatig, Allah houdt van dit soort mensen.” (El-Hoedjoeraat: 46/9)

“Allah schrijft u voor de u toevertrouwde goederen terug te geven aan de rechtmatige eigenaars, en in het geval u oordeelt tussen mensen, een rechtvaardig oordeel te vellen. ” (En-Nisa: 4/58)

Volgens deze aanbevelingen tracht de moslim rechtvaardig te zijn in zijn woorden en beslissin-gen, hij is altijd overal op bedacht; zo wordt rechtvaardigheid bij hem een tweede natuur en al zijn woorden en daden worden in de juiste mate ingegeven, ver van iedere onrechtvaardigheid. Aldus wordt hij de achting van Allah waardig, Zijn tevredenheid en Zijn genade. Heeft Allah niet verklaard dat Hij de rechtvaardigen bemint en heeft de Profeet de eer, die Allah voor hen bestemd heeft, niet aldus aangekondigd: “De rechtvaardigen zullen bij Allah op tronen van licht zitten. Dit zijn de mensen, die rechtvaardig zijn in het oordeel dat zij vellen, die onpartijdig zijn in hun familie en ten opzichte van degenen die van hen afhankelijk zijn. ” (Moslim)

Hij zegt ook dat er zeven categorieën van mensen zijn, die beschutting zullen vinden in de schaduw van de Heer op de Dag, dat Zijn schaduw de enige zal zijn, te weten:

Een rechtvaardig heerser,
Een jonge man die met de aanbidding van Allah opgroeit,
Iemand wiens hart aan de moskee is gehecht,
Twee personen die van elkaar houden om Allah, bijeenkomen en uiteengaan om Hem,
Iemand wiens ogen volschieten met tranen wanneer hij alleen is en denkt aan Allah,
Een man die door een voorname en mooie vrouw aangezet tot overspel, hiertegen weerstand biedt met de woorden: “Ik vrees Allah”,
Iemand die in het geheim liefdegaven geeft, zodat zijn linkerhand niet weet wat zijn rechterhand heeft gegeven. (Boekhari)
Rechtvaardigheid komt op verschillende terreinen tot uiting. Enkele ervan zullen wij citeren:

Rechtvaardigheid t.o.v. de Schepper: dit wil zeggen, Hem aanbidden zonder iets aan Hem gelijk te stellen, noch aan Hemzelf noch aan Zijn eigenschappen; Hem nooit ongehoorzaam zijn, noch Hem vergeten. Hij dient gedankt te worden en Zijn weldaden moeten niet miskend worden.
Onpartijdigheid bij het beslissen over onenigheid van anderen en één ieder geven wat hem toekomt.
Rechtvaardigheid t.o.v. echtgenotes en kinderen, nooit bepaalde gunsten aan sommigen verlenen ten koste van anderen.
Rechtvaardigheid bij besluiten. Geen valse getuigenissen geven noch liegen.
Rechtvaardigheid in het geloof: geen vertrouwen schenken aan hetgeen niet juist noch oprecht is en slechts geloven wat waar en reëel is.
Het voordeel van rechtvaardigheid is, dat het tot zielenrust leidt. Wat gematigdheid betreft, dit is veel meer omvattend dan rechtvaardigheid, want dit raakt ieder levensterrein van de moslim. Het houdt juist het midden tussen overdaad en ontzegging, die beide afkeurenswaardig zijn.

Ten aanzien van de devotie staat gematigdheid gelijk aan het nakomen van de religieuze ver-plichtingen zonder overdrijving en evenmin verwaarlozing. Hetzelfde is het geval met uitgaven: het juiste weten te houden tussen gierigheid en verkwisting. Allah prijst als volgt gematigde mensen”…En die zich in hun uitgaven niet overmatig noch terughoudend betonen, maar zich tussen de twee uitersten in het juiste midden bevinden… zij zullen toegang krijgen tot de hoogste plaatsen, aangezien zij constant waren.”(El-Furkan: 25/67,75)

Gematigdheid is de tweelingzuster van rechtvaardigheid en één van de meest sublieme eigen-schappen. In de eerste plaats, omdat de mensen belet zijn de grenzen, die Allah gesteld heeft, te overschrijden en zodoende gestimuleerd worden om fatsoenlijk de religieuze verlichtingen na te komen zonder er ook maar iets van te verwaarlozen. En vervolgens, aangezien ze hem leert om kuis te zijn, en zich tevreden te stellen met hetgeen geoorloofd is en af te zien van alles wat verboden is. De glorie en de eer, die Allah hem als volgt toekent, zijn voor hem voldoende:”Als zij de rechte weg blijven volgen, zullen Wij hem overvloedig water te drinken geven.” El-Djinn: 72/15

“Waarlijk, zij, die zeggen: ‘onze Heer is Allah’, en zich vervolgens correct gedragen, zullen geen vrees kennen, noch droefenis! Zij zijn voor eeuwig de beërvers van het Paradijs, als beloning voor wat zij deden.” (Soera El Ahqaf: 46/13,14) (Minhaj el moslim; deel 2)

5) Verdraagzaamheid

Op aarde leven er allerlei mensen met verschillende culturen, geloof en tradities. Wij zijn allemaal mensen, kinderen van Adam en Eva. Wij leven samen in deze wereld, die door Allah werd geschapen. Hij heeft deze wereld niet voor onszelf, maar wel voor iedereen geschapen.

Om deze wereld te gebruiken, moeten we tolerantie hebben. Het is niet omdat mensen anders zijn, dat wij vijanden voor hen moeten worden. Om deze redenen moeten wij respect hebben voor alle culturen, gewoonten, godsdiensten, geloven, etc. Niemand mag de godsdiensten van anderen afkeuren. Iedereen is vrij om zijn eigen godsdienst na te leven. De Islam dwingt niemand zijn religie te veranderen en de Islam te ‘omhelzen’.

Het woord ‘islam’ betekent ‘vrede’. Werkelijke vrede vindt men alleen in het volgen van Allah’s geboden. Het woord ‘moslim’ wil zeggen ‘betrouwbare, gehoorzame mens’. Diegene die moslim is brengt vrede.

4. Het doel van deze plicht

De moslim is ervan overtuigd, dat uitsluitend weldaad van het geloof en de goede werken de ziel zuiveren en dat gebrek aan geloof en goddeloosheid hem bezoedelen. De Profeet zei hierover: “Wanneer een gelovige een zonde begaat, dan verschijnt er een zwarte plek in zijn hart. Houdt hij op, toont hij berouw en smeekt hij Allah om vergiffenis, dan wordt zijn hart schoon gepolijst. Maar wanneer hij volhardt, dan komen er andere zwarte plekken bij en tenslotte raakt zijn hart verstopt. ” (Neseï en Tirmizi)

Het geluk van de moslim in deze wereld is afhankelijk van het niveau van opleiding dat hij zich verschaft, en van de zuivering van zijn ziel. Zijn ongeluk komt eveneens voort uit zijn corruptie, zijn zedeloosheid en zijn slechtheid. De bovenvermelde voorwaarden en methodes voor de sociale functie het goede te bevelen en het slechte te verbieden, staan in het licht van een streven naar geluk en harmonie in de hele wereld.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *